Feyenoord

‘Pottedikeme.. wat zijn ze daar nu aan het doen?’ Mijn moeder drukt nog net niet haar neus tegen het glas van de serre ruit. ‘Hmm, wat is er?’ De toon van haar stem maakt mij los van het verhaal dat ik uit de regio krant aan het lezen ben. ‘Het wordt ook steeds gekker hier. Moet je nu kijken Hans’. Ze wenkt mijn vader. ‘Shar, ze hangen tegen je auto aan’. Tegen mijn auto aan? Ik leg het verhaal van Boer Frans over zijn energiezuinige koeienstallen naast mij neer en loop naar de serre ruit. ‘Pottedikkeme’ herhaal ik mijn moeder.

Vanaf een kleine vijftien meter hoogte kijken drie paar ogen vanaf een appartement neer op een nieuwe Peugeot Partner, die zojuist ‘vriendjes’ is geworden met vier in het zwart gehulde gestaltes. Twee van de gestaltes leunen tegen de motor kap, een derde parkeert zijn fiets tegen de zijkant. Langzaam verandert de inhoud van mijn maag zich in kokend hete lava, dat bijna een vulkaanuitbarsting in mij teweeg brengt. Wat doen die snotapen tegen mijn bus? ‘Zal ik de wijkagent bellen? Vraagt mijn vader. ‘Die kent die gasten en kan ze wel toespreken’. ‘Nee hoor pa, ik heb een beter idee’. Ik ruk mijn blik los van het raam en been woedend naar de hal, waar ik mijn jas van de kapstok trek. Vanuit de woonkamer hoor ik met een dof geluid twee hondenpootjes op de houten vloer neerkomen, even later gevolgd door de andere twee. Ik weet dat Pax, na het horen van mijn jas, zich zojuist in slowmotion van de hocker heeft laten glijden en zich nu traag richting de deur begeeft. Vrouwtje plus jas is naar buiten (iets met Pavlov). ‘Ja goed plan, ga jij ook maar mee’. Ik klik de musketon haak aan zijn halsband en stap samen met Memphis (die in tegenstelling tot Pax in turbo snelheid richting de deur was gelopen) de gang van de vijfde verdieping op. De lift staat, alsof het afgesproken is, al klaar. ‘Moet ik met je mee?’ Hoor ik mijn vader nog zeggen, maar de deuren van de lift sluiten zich al en ik zak samen met de honden richting begane grond.

Terwijl de lift zich verplaatst vraag ik mij opeens af hoeveel Facebook vrienden Pax en Memphis zouden hebben als ze mensen waren. Pax waarschijnlijk heel veel, die vindt iedereen leuk en houdt wel van contact. Memphis zal waarschijnlijk een selectieve Facebooker zijn, alleen als hij je een paar keer persoonlijk gesproken hebt wordt je geaccepteerd. De buurjongen die soms wel en soms niet hallo zegt zou er niet op komen.. Ik zucht diep. Mijn geest blijft een bijzonder fenomeen..

De lucht is koud voor de tijd van het jaar. De wind zwiept venijnig in mijn gezicht, wat er voor zorgt dat mijn ergste woede wat afneemt. Ik steek de straat over en loop richting mijn auto. Eenmaal bij mijn bus aangekomen kuch ik overdreven hard. De jongens staan er nog en lijken mij niet op te merken. Ik kuch nog eens, maar wederom geen reactie. ‘Pardon heren’. Ik onderdruk de moeite om ze in het plat Rotterdams aan te spreken. Eén van de motorkap-hangers draait zich nonchalant naar mij om en kijkt mij arrogant aan. ‘Wat?’ bitst hij. ‘Zouden jullie zo vriendelijk willen zijn mijn auto niet als lounge bank te gebruiken’? De jongen doet zijn mond open, waarschijnlijk om mij eens haarfijn te vertellen dat hij dat zelf wel bepaald, maar sluit deze vervolgens snel. Hij kijkt met grote ogen naar mijn twee viervoeters. Mooi, de reactie waar ik op had gehoopt. Zijn maat, die naast hem tegen de motorkap leunt draait zich in onze richting om te kijken waarom zijn vriend het gesprek is gestopt. ‘Mem’ mompel ik voor de jongens onhoorbaar, maar voor hem luid en duidelijk ‘Feyenoord’. Memphis kijkt mij met grote pret ogen aan. Bijna alsof hij wilt zeggen ‘Echt!? Mag ik nu!?’. ‘Feyenoord’ zeg ik nogmaals. En zonder te veel tijd te verspillen trekt Memphis zijn grote honden bek open en begint keihard te blaffen.

De jongens vliegen alsof gebeten door een wesp omhoog. Memphis blaft ondertussen vrolijk door, nog steeds een beetje van zijn stuk dat hij zo midden op straat zijn honden-gezang mag laten horen. ‘Excuus mevrouw’. Stamelt de jongen. ‘Geen probleem knul’, bijt ik hem cynisch toe ‘vergeet je fiets niet’.

Als een topatleet die net een belangrijke wedstrijd heeft gewonnen loop ik triomfantelijk terug naar het huis van mijn ouders. Nooit geweten dat het commando ‘Feyenoord’ nog eens van pas zou komen.

Uiteraard is het niet de bedoeling om jouw hond te gebruiken om andere de stuipen op het lijf te jagen. Integendeel, maar in deze situatie was het toch behoorlijk handig. Zonder een grote scheldpartij was de situatie opgelost. Natuurlijk kwam Memphis, een grote zwarte hond, bedreigend voor de jongens over. Wie echter verstand heeft van hondengedrag had direct gezien dat zijn bijdrage voor hem één groot feest was. Breed zwierende kwispel en bijna dansende pootjes van de pret. Hij leek bijna te snappen dat hij mij een dienst bewees. En waarom ‘Feyenoord’ zal je denken? Wonend op Rotterdam Zuid en met het recente landskampioenschap van Feyenoord achter ons, was dat commando snel aangeleerd.

 

 

 

Column Hondsbrutaal: Labradorisme

Wekelijks schrijvende viervoeters Pax (labrador) en Memphis (herder kruising) om de beurt een column over wat hen bezighoudt in hondenland. Deze week Pax.

Nee, ik kan mij niet heugen dat ik ooit echt bonje heb gehad met iemand. Ja.. anderen wel met mij natuurlijk. Ik ben niet gek, ik zie heus wel wanneer iemand mij niet moet. Maar om nou te zeggen dat ik daar op in ga.. Ik zie daar het nut gewoon niet van in. Eigenlijk gun ik iedereen wel een beetje die eigenschap. Het is enorm relaxed. Dit inzicht is gekomen toen ik fanatiek aanhanger werd van het Labradorisme. Waarschijnlijk is dit velen van jullie nog een onbekende term, maar ik hoop daar via deze blog verandering in te brengen.

Allereerst even de definitie van Labradorisme. ‘Stroming waarbij liefde en een positieve kijk op het leven centraal staan. Aanhangers van het Labradorisme zijn vaak (bewust) blind voor negatieve prikkels van de omgeving. Zij hebben een uitermate gevoel voor conflict vermijdend gedrag en zullen waar mogelijk zoveel mogelijk mensen en dieren willen bekeren tot hun stroming. Labradorisme zie je vaak bij de Labradors’.

Nou hoor ik jou wel denken hoor. ‘Ja natuurlijk ben jij een Labradorist, Pax. Je bent immers zelf een labrador’. Hoewel dat natuurlijk klopt als een stuk beschuit met muisjes op een regenachtige dag (enorm lekker trouwens. Het is mij ooit eens gelukt om een half bord met beschuit van tafel te halen, toen mijn mensen-maten visite aan het uitzwaaien waren. Zij werden natuurlijk boos op mij bij terugkomst, maar zoals boven beschreven laat ik dat zo van mij afglijden. Negatieve prikkels zijn niet bestaande prikkels, zeggen wij binnen onze stroming. Je bent een Labradorist of je bent het niet) is het heus niet zo dat alle Labradors persé tot deze stroming behoren. Ik zie ze er wel tussen zitten hoor, afvallige soortgenoten. Maar binnen dit prachtige geheel hoor je dat te negeren en vooral te hopen dat deze hond uiteindelijk het licht ziet en ook zijn staart laat zwieren voor alles in het leven.

Jullie mensen-maten zullen wellicht moeite hebben om je volledig tot mijn geloof te bekeren, maar ik wil toch graag wat tips meegeven waarvan ik denk dat jullie ze in het leven goed kunnen toepassen.

Kwispel eens wat vaker naar een onbekende. Heb je moeite met kwispelen? Doe dan dat ene wat jullie mensen-maten doen om contact te maken. Glimlachen heet het geloof ik. Krijg je geen kwispel terug? Joh, niet erg! Kwispel harder en loop weer verder. Met een beetje geluk gaat de andere partij er over nadenken en voor ze het zelf weten staan ze ook naar andere te kwispelen. Het is een soort kruisbestuiving he, dat Labradorisme. Loop je dan vervolgens in het leven aan tegen iemand die wel heel goed negatieve prikkels in zich opneemt en deze graag met andere wilt delen: draai je om en ga aan een boom snuffelen. Of een variant op wat jullie mensen-maten dan zouden doen. Laat het hele idee los dat je alleen als winnaar uit de bus komt als je nog beter bent in negatieve prikkels overbrengen dan de andere partij. ‘Just be happy, it drives people crazy’. Het scheelt je een hoge bloeddruk, wat weer als positief effect heeft dat je minder snel dik wordt. Iets wat je trouwens ook veel ziet bij Labradoristen, maar dat heeft een andere oorzaak. Te diepe materie, ga ik nu niet op in.

Oké en als het dan echt een keer nodig is, als ze echt op je staart staan, mag je heus eens je tanden laten zien. Memphis is ook nog wel eens zo dom om mijn favoriete bekwijlde bal te willen pakken. In het verkeer zou het ook een chaos worden als er geen stopborden meer waren. Soms is het nodig, maar dat betekent niet dat je het bord an sich uit de grond moet rukken en iemand er mee voor z’n snorharen moet timmeren. Love people, LOVE!

Ohja, voor wie zich nu afvraagt of wij dan ook een speciale god hebben die wij aanbidden.. Nee. Maar er is wel een plekje in huis waar soms een hemels licht op mij schijnt en waar een geur van allerlei heerlijkheden uitkomt. Wat mij betreft het meest goddelijke op aarde, dus ik heb die plek wel tot mijn persoonlijk altaar omgedoopt.

Dus beste mensen-maten. Neem het aan van een al licht grijs wordende labrador: negeer negatieve prikkels en kwispel de wereld tegemoet. Het zal je goed doen!

Pax geeft hier zijn visie op onze maatschappij en hoe deze soms lijkt te verharden. Vanuit zijn hondenogen kan hij dit niet altijd begrijpen. Hoe kan er naast snuffelen, eten en slapen nou nog iets anders zijn waar je je druk over moet maken? Natuurlijk onmogelijk om dit voor ons mensen volledig toe te passen, maar er zit een kern van waarheid in. Negeer negativiteit en houd oog op alle positieve dingen in het leven. Dat is in ieder geval één van de lessen die ik dagelijks van mijn honden geleerd krijg.

 

 

Angsthaas

Er was eens een hond met een angstig baasje

Ik staar naar het pleintje in de verte. Mijn handen zijn klam, mijn mond gort droog en mijn maag voelt alsof hij elk moment door mijn mond naar boven kan komen kruipen. Krampachtig probeer ik te herinneren wat mijn therapeut hierover heeft gezegd, maar in plaats van bruikbare tips schieten vooral honderd manieren om zo snel mogelijk weg te komen door mijn hoofd. Op dit moment laat ik mij nog liever door twintig zusters met grote naalden onder handen nemen, dan nog een stap dichterbij het pleintje te doen. Ter illustratie: ik val al flauw als ik een spelden kussen zie. ‘Adem Sharon’ zegt een streng stemmetje. ‘Adem!’ ‘Dat doe ik toch, snauw ik terug tegen de stem’. ‘Anders lag ik hier dood op de grond’. Bekvechten met de rationele stem in mijn hoofd is een soort hobby van mij geworden. Heerlijk, maar tegelijk volstrekt zinloos. ‘Adem RUSTIG’, bijt de rationele stem mij toe. ‘Oh ja, goed idee’ denk ik. Ik voel de ergste druk op mijn borst wat zakken. Rustig in, rustig uit, rustig in, rustig uit.. De nieuwe lading zuurstof die mijn hersenen bereikt stopt het ergste trillen in mijn benen, ik voel mij langzaam wat ontspannen. Als men toch eens niet kon ademen.. Elke keer een stukje verder, tot ik zonder spanning over het pleintje loop. Beetje bij beetje gaat het beter, maar het kost tijd.

Ik sta op het punt om de oefening af te sluiten en langzaam van het pleintje weg te lopen als ik opeens een keiharde ruk aan mijn arm voel. Ik schrik mij een ongeluk. ‘Hey, laat mij los!’ Hysterisch begin ik terug te trekken maar de persoon die mijn arm vast heeft is een stuk sterker en trekt mij richting het pleintje. Het verschrikkelijke, dood enge pleintje. ‘Nee!’ krijs ik. ‘Stop, zo ver kan ik nog helemaal niet!’. ‘Jawel joh, kom nou maar kijken. Het is echt niet eng’. De stem die bij de persoon hoort klinkt opgewekt. ‘Stel je nou niet aan, er is niks aan de hand’. De net nieuw gevonden zuurstof schiet met sneltreinvaart uit mijn hersenpan en ik voel mijn hart bijna door mijn borstbeen naar buiten komen. Het idee dat ik zo noodgedwongen plaats moet nemen op de plek uit mijn nachtmerrie zorgt er voor dat ik bijna mijn gevoel van bewustzijn ga verliezen. ‘Alsjeblieft…’ smeek ik. ‘Ik kan niet..Stop..’. Alle kracht in mijn lijf lijkt als een snel leeglopend zwembad verdwenen te zijn. En dan wordt het zwart voor mijn ogen.

Wie weet hoe het is om ergens een extreme angst voor te hebben, weet dat het zelden een goed idee is om in één keer vol met jouw angst geconfronteerd te worden. Wanneer je al in paniek raakt van het zien van meneer huisspin, is het niet aan te raden om lekker een uurtje in een bad vol vogelspinnen te gaan liggen. In het uiterste geval leer je te ontspannen, om zo goed mogelijk uit de situatie te komen, maar grote kans dat jouw angst daar niet van over gaat. Sterker nog, dikke kans dat het alleen maar erger geworden is. Zo heb ik mijn vriend een keer overgehaald om mee te gaan in een achtbaan. Doodeng vindt hij dat, maar hij wilde het proberen. Voor mij. Dat hij daar nog niet klaar voor was, bleek achteraf wel. Al tijdens het ritje was ik bang dat ik verantwoordelijk gehouden kon worden voor de dood van mijn vriend. Hij zat naast mij te rillen en zag zo wit als mijn benen in de winter (eigenlijk ook in de zomer, maar dat is een ander verhaal). Ik durf wel te stellen dat ik hem niet bepaald over zijn achtbanen angst heen geholpen heb, want als ik nu al een toegangskaartje voor De Efteling laat zien, wordt hij spontaan groen.

Denk van mijn actie wat je wilt, wij doen dit als hondenbaasjes met enige regelmaat ook bij onze honden. In de praktijk zie ik baasjes die hun hond dan richting het voorwerp of de situatie forceren waar hij bang voor is. Immers kunnen wij redeneren dat er niks aan de hand is. Snapt Bello dan zelf niet dat het gewoon een paraplu in een prullenbak is? Nee helaas, dit snapt Bello op dat moment niet. Hij kent de situatie niet en kan dus niet inschatten of deze een bedreiging vormt voor zijn leven. Of hij heeft inmiddels al bedacht dat dit zeker weten een bedreiging gaat zijn en wilt er alleen maar van weg. Lees het begin stuk van dit blog bericht nog eens door. Wil je door hem te confronteren met deze angst hem het zelfde paniek gevoel veroorzaken als dat ik had tijdens mijn paniekaanval?

Door een vervelende gebeurtenis uit mijn verleden heb ik een tijd last gehad van dergelijke aanvallen. Deze kwamen opeens, terwijl ik eigenlijk helemaal niet meer aan het voorval dacht. Ik werd angstig op bepaalde plekken en rondom personen die mij aan de situatie deden denken. Stapje voor stapje ben ik de strijd met mijn angst aangegaan door de plekken bewust op te zoeken en daar mijn ontspanningsoefeningen te doen. Wanneer ik rustig werd ging ik weer naar huis en kwam ik later weer terug om het weer te doen. Een kennis van mij die aanwezig was bij deze oefeningen wilde mij helpen door mij juist op die plek neer te zetten waar ik zo bang voor was, met bovenstaande gevolgen van dien. Ik was even Bello die zeker wist dat deze situatie een bedreiging vormde voor mijn leven, ook al was het voor mijn kennis gewoon een pleintje. Natuurlijk zou ik niet midden op dat plein dood neervallen, maar de paniek liet mij daar op dat moment anders overdenken.

 

Omgaan met angst bij jouw hond

  • Forceer jouw hond nooit om zijn angst ‘te ondergaan’. Corrigeer angst ook nooit! In veel gevallen wordt de angst erger of in het uiterste geval kan de hond angstagressie gaan vertonen. De hond ziet geen andere uitweg meer dan van zich af te bijten.
  • Wilt hij de situatie zelf onderzoeken, laat hem dit dan doen. Vaak kan rond snuffelen de hond veel informatie geven. Dit kan zijn angst verzwakken.
  • Steun hem, zonder dit te overdrijven. Laat hem tussen jouw benen staan of hou hem vast bij halsband of tuig maar ga hem niet overdreven aaien. Dit kan soms de angst juist vergroten. Hij mag echter wel weten dat je er voor hem bent.
  • Blijf op afstand van hetgene de hond bang voor is. Loop er van weg als hij zich ontspant. Oefen het later nog eens door dichterbij de situatie te gaan staan, maar neem nooit te grote stappen.
  • Schakel de hulp van een NVGH erkende gedragstherapeut in als de angst niet overgaat. http://honden-gedragstherapie.nl/

Er was eens een hond die te veel van eten hield

Het idee van deze verhalen blog kwam grotendeels voort uit alle mooie verhalen die ik over honden hoor. Om het spits af te bijten hieronder mijn eigen verhaal, over de belangrijke rol die mijn oudste hond heeft gespeeld tijdens een belangrijke fase in mijn leven. 

Ik zweef over een rijtje vreemd gevormde huizen die bijna Efteling-achtig aan doen. Op mijn ene schouder zit een duif en op de andere een konijn. Het moet een vreemd tafereel zijn voor de mensen die vanaf de grond naar mij kijken, maar geen vezel in mijn lijf lijkt deze situatie ongewoon te vinden. Door mijn lijf stroomt een heerlijk ontspannen gevoel, iets dat ik lang niet gevoeld heb. Lang duurt dit gevoel niet, want plots voel ik een enorme pijnscheut in mijn buik. Alsof iemand een vishaak achter mijn navel heeft vastgezet en mij daarmee naar de grond probeert te trekken. ‘Nee, stop’! Ik probeer te gillen, maar er komt geen geluid uit mijn mond. De daling gaat onverminderd door. Net als ik te pletter dreig te slaan op de straatstenen verschijnt er langzaam een vreemd uitgerekte vorm voor mijn ogen. De vorm maakt langzaam plaats voor de omtrek van het hoofd van Memphis, mijn jongste hond. Ik open mijn ogen en zie een reeks zeer herkenbare objecten. Ik lig op mijn rug op de vloer van mijn woonkamer. Mijn maag knort, ondanks dat ik misselijk ben, keihard. Het is hartje zomer maar ik heb het koud, ijs en ijs koud.

‘Ze werkt wat te hard. Vergeet daarbij vaak voor zichzelf te zorgen’. De toon in mijn moeders stem verraad dat ze graag over een ander onderwerp begint. Niet omdat ze zich voor mij schaamt, integendeel. Meer omdat ze mij niet in verlegenheid wilt brengen. Normaal zou ik mij ook doodergeren aan een gesprek dat over mij gaat terwijl ik er nota bene bij sta. Nu boeit het mij geen zak. Ik heb deze dag mijn energie nodig gehad voor mijn werk, alle andere zaken verwerk ik via overlevingsmodus: met zo min mogelijk kracht. We zitten aan tafel in een zaaltje waar we de verjaardag van een oom vieren. Mijn moeders gesprekspartner lijkt niet bevredigd met het antwoord dat ze heeft gekregen maar ze vraagt niet door. Mijn eetstoornis is, zoals de laatste tijd wel vaker, ‘the elephant in the room’. Leuke woordspeling trouwens. Ik voel mij opgelucht als Jordy aangeeft naar huis te willen. Het vooruitzicht om op bed te liggen is erg aantrekkelijk.

Die nacht word ik wakker van een geluid. Even verdenk ik Jordy ervan dat hij de W.C. aan het toetakelen is met een verstopper, maar al snel ik realiseer ik mij dat het geluid uit de bek van mijn hond komt. Pax staat, met zijn voor én achter poten breed uit elkaar, als een veulen dat net ter wereld gekomen is en moet leren opstaan. Met een kracht die vanuit zijn tenen lijkt te komen braakt hij het kleed onder. Het was geen braken zoals honden wel eens doen na het eten van gras. Wij wisten beiden dat er iets niet goed was, maar besloten na een gesprek met de dierenkliniek tot morgenochtend te wachten voor een consult. Het zou immers een infectie kunnen zijn..

Pax knapte na een injectie tegen het braken niet op en leek alleen maar zieker te worden. Uiteindelijk is hij in de avond geopereerd, omdat het vermoeden bestond dat er een obstructie in zijn darmen zat. Dat bleek te kloppen. Ons harige familielid bleek iets van straat opgegeten te hebben dat de doorgang in zijn darmen had afgesloten. Ik weet niet heel veel meer van de avond, alleen dat ik wel een stuk of tien keer tegen de dierenarts gezegd heb dat Pax zo iets echt nog nooit had gedaan. Ja het is een Labrador en heeft al een paar keer de kast open gemaakt en voerton geplunderd, maar hij is zeker niet van de categorie sokken en andere niet voor honden bedoelde attributen opeten. Iets wat wel veel in het ras voorkomt. Dat de dierenarts hier ook duidelijk ervaring mee had kon ik wel opmaken uit zijn reactie op mijn betoog. Ik weet ook niet waarom ik het zo belangrijk vond dat hij wist dat dit afwijkend gedrag is geweest van Pax. Misschien schaamde ik mij dat hij onder ons toeziend oog iets binnen had gekregen dat hem zo veel schade aan heeft gebracht. Dat ik zo bezig geweest was met mijn eigen wereld te controleren via eten dat ik geen oog meer had voor mijn omgeving…

Pax is uiteindelijk in twee weken tijd drie keer geopereerd. Tussen de tweede en de derde operatie zat ongeveer anderhalve week. Ik was in shock toen hij toch weer ontlasting begon te braken. Maar ik was helemaal lam geslagen toen de dierenarts mij belde dat de operatie een kleine kans van slagen had en we moesten afwachten hoe hij daarna zou herstellen. Na de eerste twee operaties was ik positief: hij ging niet dood. Zo’n jonge hond.. Maar na het telefoontje van de dierenarts na operatie drie heb ik bij mijn ouders op de grond liggen gillen van verdriet. Hij mocht niet dood gaan! Pax, mijn grote maat, mijn lieve hond. Waar je mee kan lezen en schrijven. Pax, die iedereen inpakt met zijn labrador-charme. Pax, wiens liefde voor eten hem bijna fataal werd. Hoe bizar was het contrast met mijn situatie.

Het is zondag rond het middag uur en we stappen voor de zoveelste keer de dierenkliniek binnen waar Pax nog ligt om te herstellen. Het voelt inmiddels alsof iemand een paar blokken beton aan mijn voeten heeft vastgelast. Bij letterlijk elke stap voel ik dat de energie uit mij getrokken wordt. Deprimerend stukje tekst, maar een mooiere beschrijving voor hoe ik er op dat moment aan toe was kan ik niet formuleren. Het klinkt misschien heel naar maar ik, en mijn omgeving, wisten niet of ik zelf de klap wel te boven zou komen als Pax zou komen te overlijden. ‘Het is maar een hond’ is een zin die ik nooit kan horen, maar op dat moment had ik waarschijnlijk dusdanig uit mijn pan geschoten dat ik momenteel nog minimaal aan mijn taakstraf bezig geweest zou zijn.

Aan de balie zit een vrolijke assistent. Ze weet waar we voor komen en verdwijnt naar achteren om Pax te halen. Al snel komt er een zeer opgewekte zwarte viervoeter door de klapdeuren. Hij begroet ons vrolijk en maakt direct van de gelegenheid gebruik om achter de balie de voerkast in te duiken. Ik ben nog nooit zo blij geweest om mijn hond ongehoorzaam gedrag te zien vertonen. Jordy lijnt hem aan en we maken buiten een wandeling. Het zonnetje schijnt en de warme stralen werken op ons allemaal als Red Bull. Wanneer we de kliniek weer in lopen, klaar om Pax weer terug te brengen, wacht de vrolijke assistent ons weer achter de balie op. ‘Ik heb goed nieuws hoor. Zojuist de dierenarts gebeld en Pax mag met jullie mee. Wel een teleurstelling voor zijn zoontje want die had zich zo verheugd om morgen nog even met Pax te mogen knuffelen. Hadden jullie nog extra voer nodig?’ Mijn hart maakt een drie dubbele looping van geluk. Het gaat goed, hij mag naar huis! En zonder er maar een seconde bij na te denken gris ik een chocolaatje van de balie en slik hem bijna zonder te kauwen door.

Op moment van schrijven zijn we ongeveer een jaar verder en heb ik na een jaar intensieve therapie een gezond gewicht bereikt. Mijn nagels breken niet om de havenklap en mijn haar is van doffe bos stro naar ‘goh ben je naar de kapper geweest’ gegaan. Ik heb in deze periode meer over mijzelf geleerd dan in de rest van mijn leven. Tijdens de heftigste periode van mijn eetstoornis is het mij gelukt om een mooie basis te leggen voor mijn bedrijf. Je kan zeggen wat je wilt, maar daar is wilskracht voor nodig en dat gegeven ga ik gebruiken om De Hondenkaravaan het mooie bedrijf te maken dat ik voor ogen heb. Alleen ditmaal met een gezonde toevoer van energie en niet op drie rijstwafels per dag. Terwijl ik dit verhaal aan het afronden ben ligt Pax op zijn rug naast mij. De lucht die hij momenteel produceert zal in het ziekenhuis gebruikt kunnen worden om mensen onder narcose te krijgen, maar ik vind het niet erg. Zijn darmen werken tenminste nog. Ik aai hem tevreden over zijn buik en neem een hapje van mijn gevulde koek. Een heerlijk ontspannen gevoel stroomt door mijn lijf, alleen ditmaal zweef ik niet over huizen, maar zit ik lekker op de bank.

Herken jij jezelf in mijn verhaal of ken je iemand in jouw directe omgeving die met een eetstoornis kampt? Blijf er niet mee lopen maar zoek ondersteuning bij organisaties zoals Proud 2 B me (www.proud2bme.nl) of raadpleeg tijdig de huisarts. Je bent te waardevol en te mooi om jezelf deze hulp niet te gunnen!